Spiritualiteit en hekserij

Wu Wei: De Leegte


LEEGHEID IN HET TAOÏSME

In het taoïsme heeft leegheid twee algemene betekenissen. De eerste is als een van de kwaliteiten van de Tao . In deze context wordt leegheid gezien als het tegenovergestelde van ‘volheid’. Het is hier misschien, waar de leegte van de Taoïsme het dichtst bij de leegte van het boeddhisme komt, hoewel het in het beste geval een resonantie is, in plaats van gelijkwaardig.

De tweede betekenis van leegheid ( Wu ) wijst op een innerlijke realisatie of gemoedstoestand die wordt gekenmerkt door eenvoud, stilte, geduld, spaarzaamheid en terughoudendheid. Het is een emotionele / psychologische houding in verband met het gebrek aan werelds verlangen en omvat ook de acties die voortvloeien uit deze gemoedstoestand. Het is dit mentale kader dat de Taoïstische beoefenaar in lijn met de ritmes van de Tao tot uitdrukking brengt wat iemand die dit leven heeft bereikt. Door op deze manier leeg te zijn betekent dat onze gedachten leeg zijn van impulsen, aspiraties, wensen of verlangens die in strijd zijn met de kwaliteiten van de Tao. Het is een gemoedstoestand die de Tao kan weerspiegelen:

‘De geest van de wijsheid is de spiegel van hemel en aarde, het speigel van alle dingen. Leegheid, stilte, innerlijke rust, smaakloosheid, stilte, stilte en niet-actie (Wu-Wei)- dit is het niveau van de hemel en de aarde, en de perfectie van de Tao in al zijn eigenschappen. “

Wu Wei

Nauw verwant aan dit algemene idee van leegte is Wu is Wu Wei – een soort van “lege” actie of de actie van niet-actie. Op dezelfde manier is Wu Nien lege gedachte of het denken van niet-denken; En Wu Hsin is lege geest of de geest van geen geest. De taal hier lijkt op de taal die we vinden in het werk van Nagarjuna – de boeddhistische filosoof die het meest bekend is vanwege de verklaring van de leertijd van leegheid ( Shunyata . Maar wat wordt aangeduid door de termen Wu Wei, Wu Nien en Wu Hsin zijn de Taoïstische idealen van eenvoud, geduld, gemak en openheid – houdingen die zich dan uitdrukken door onze acties (van lichaam, spraak en geest) in de wereld. En dit, zoals we zullen zien, is nogal verschillend van de technische betekenis van Shunyata binnen het Boeddhisme.

LEEGHEID IN BOEDDHISME

In de boeddhistische filosofie en de praktijk is ‘leegheid’ – Shunyata (Sanskriet), Stong-pa-nyid (Tibetaans), Kung (Chinees) – een technische term die soms ook als ‘leegte’ of ‘openheid’ wordt vertaald. Het begrijpen dat de dingen van de fenomenale wereld niet bestaan ​​als afzonderlijke, onafhankelijke en permanente entiteiten, maar lijken eerder als een resultaat van een oneindig aantal oorzaken en omstandigheden, dat wil zeggen een product van afhankelijke oorsprong.

De perfectie van wijsheid (prajnaparamita) is de realisatie van Dharmata – de aangeboren natuur van fenomenen en geest. Wat de innerlijke essentie van elke boeddhistische beoefenaar betreft, is dit onze Boeddha-natuur. Wat de fenomenale wereld (met inbegrip van onze fysieke energetische lichamen) betreft, is dit leegte / Shunyata, dwz afhankelijke oorsprong. Uiteindelijk zijn deze twee aspecten onlosmakelijk.

Dus in overweging : leegheid ( Shunyata ) in Boeddhisme is een technische term die wijst op afhankelijke oorsprong als de ware aard van fenomenen. Leegheid ( Wu ) in Taoïsme verwijst naar een houding, emotionele / psychologische houding of gemoedstoestand, gekenmerkt door eenvoud, stilte, geduld en spaarzaamheid. Bron ThoughtsCo

Wat kunnen we hieruit leren

Er lijkt een streven naar het niet streven. Een zijnstoestand te bereiken waarin een mens vrij is van alle wil om nog iets te bereiken wat je niet bent. Aan de andere kant kan dit leiden tot een toestand van impasse, catatonie. De verlichte mens die in lotushouding op een kussen zit, lekker te zijn, in overeenstemming met zichzelf en het universum. We zien in in Taoïsme dan ook de zelfopoffering, de wil tot goed doen, dienstbaarheid, het bereiken van een innerlijke goedheid. We zien deze mooie karaktertrekken terug in het mooie Chinese volk met de ingetogenheid, bescheidenheid en gasvrijheid. Het wordt kinderen en oudere meegegeven. Het is een bewonderenswaardige levenshouding. Maar wat blijft er voor jezelf over?

Het leidt soms tot een innerlijk lijden, leven omwille van de goedheid, een jezelf wegcijferen. We zien dit ook terug in het Boeddhisme en de ascetische christelijke levenshouding. De mens als ‘lijdend voorwerp’, de ‘martelaar’. In mijn vele jaren in een christelijke sekte is mij dit ook ingeprent. De mens is niets meer, moet vrij van een eigen wil, ‘voor god’ leven. Er blijft niet meer over: geen behoefte meer, geen verlangen naar streven iets te bereiken. Ik bleef leeg, volkomen leeg achter. Zo velen van mijn vriendinnen en vrienden ook. In ons geval homo. lesbienne, biseksueel of trangender met de erfenis van de opgelegde ascese. Niet meer te mogen. Geen seks, geen tederheid, jezelf niet toelaten verliefd te worden, te genieten. Ik zie de vreselijke gevolgen van de gecreëerde, opgelegd leegheid, het jezelf wegcijferen.

Hoe word ik weer vol?

Mensen zoals ik, en mijn vriendinnen en vrienden worstelen zich een weg naar de vrijheid. Onze leegte is dieper dan de oceaan. We zoeken naar liefde, vervulling. We hebben het verlangen vol te zijn, lief te hebben, te vrijen, naar tederheid, naar ‘er mogen zijn’. Een plek van liefde in deze wereld. jezelf toe te staan verliefd te worden. Er is veel schade bewerkstelligd door her ‘niet willen’, de ‘zelfverloochening’, de ‘inzet voor de geloofsgemeenschap’. Komen we nu aan onszelf toe. Durven we als een dwaas verliefd te worden? Durven we ons in iemands armen te storten en te zeggen: ik heb je nodig, bemin mij! De godsdienst die ons de vervulling had moeten brengen heeft ons beschadigd. We durven niet langer mens te zijn. Ik houd mijzelf voor: ik mag verliefd worden, ik mag verlangen naar intimiteit, ik mag verlangen mijzelf te verliezen in een ander en een ander naar mij te laten verlangen. En toch begint dat weer met: de leegte toe te laten, de hunkering toe te laten. Spiritueel, emotioneel en seksueel.

Ter aanvulling:

Een Chinese Shifu die zijn leven had vergooid in zijn streven ‘iets anders te zijn’ had veel schade aan zijn ziel en de levens van anderen bewerkt. Hij had zijn tegenstander gedood en als wraak werden zijn vrouw en kind gedood door de zoon van zijn gedode tegenstander. In wanhoop trok hij naar de bergen en leed enorm itens. Zijn leven leidde hij in boete en werkte hard en zijn werk op de rijstvelden werd een meditatie. Maar na die periode kreeg hij het verlangen terug te keren om zijn sporen te zuiveren in een leven, een streven tot het goede. Zijn streven werd een zegen, zijn waarneming leidde tot actie en ‘heelde’ zichzelf en zijn omgeving. Hij had kunnen sterven in ‘zijn zuivere waarneming’ want zijn verlangen en willen waren aangetast en hij kon niet ontkomen aan de pijn. Zijn ‘kwaad’ te aanschouwen zette hem aan te voelen, maar het voelen was te intens, onontkomelijk, ondraaglijk. Geen mens op aarde ontkomt aan schade aan zichzelf en anderen. Zuivere ascese, zuivere waarneming is geen doel op zich maar een middel.
Wu wei is een principe wat in alles doorwerkt, het heeft met het aanschouwen niets van doen. Ze ligt ten grondslag aan de Wushu, de Qigong en de Tai Chi. Het is een ‘actieve, doch niet inspannende beweging’, en is als meditatievorm en als daaruit voortvloeiende levenshouding van invloed op de gezondheid naar geest en lichaam. De beweging zonder streven is echter wel beweging, en voor beweging is een wil nodig, de beweging is er niet zonder het verlangen, anders zou er geen beweging zijn. dit is mijn waarneming,
De ascese an sich is geen doel in zichzelf. Het ‘opgaan in het oneindige’ ook niet, Het onttrokken zijn is geen status quo. Het sterven van het ‘ik’ leid niet tot ‘heling’. Het vol ‘aanwezig zijn’ kan bereikt worden door een tijdelijke toestand van contemplatie. In de Tao is het willen en niet willen, licht en donken, bewegen en niet bewegen aanwezig. De wil is er door het niet willen, het niets is vol. We kunnen gedachtegangen uit boeddhisme en Taoïsme niet vermengen, en toch ook niet uitsluiten. Het is een zuiver hypothetisch beschouwing en een ideaalbeeld. De ascese die het lijden tracht te ontstijgen brengt een intens ervaren van het lijden met zich mee en een wil tot het ‘opheffen’ van het lijden.
De ervaring en het verlangen kunnen samenvallen, maar het stellen dat dit verlangen de ervaring ‘verkleurd’ schaadt in mijn geval de ervaring. Ze vallen intens samen en brengen mij tot heling, zetten mij aan van niet bewegen naar beweging. De theorie is niet ‘heilig’ in zichzelf want de mens is uniek en overstijgt de grenzen van de theorie, filosofie. Een leer die zich voordoet als ‘zuiver, schaadt hen die anders beleven en maken die persoon tot ‘ketter’ die het aandurft vragen te stellen bij de leer. Een toestand van ‘verlichting’ kan het individu aanzetten tot verandering en daaraan kan een zuivere wil en verlangen ten grondslag liggen.

7 Comments

  • Posted 23 augustus 2017 at 22:39 | Permalink

    Wat leegte eigenlijk inhoudt is volgens mij de zelfwaarneming. Gewaar zijn. Een volmaakt ontspannen toestand waarin waarnemen en waargenomene tot éénheid is gekomen. Een toestand waarin het denken niet aanwezig is. Derhalve ook geen verlangen, geen willen, niks.

    We noemen het wel leegte, maar de leegte is voller dan vol. Zeker geen toestand van impasse.

    Overigens is leegte wat anders wei wu wei (doen het niet-doen) Wei wu wie is de levenshouding. Ik heb de indruk dat je beide begrippen door elkaar gebruikt, klopt dat Morna?

    • Posted 24 augustus 2017 at 00:37 | Permalink

      De begrippen zijn geënt op een toestand waarin gestreefd wordt de waarneming niet te laten ‘kleuren’ door het denken, waarneming zonder interpretatie. De waarneming zelf zou je kunnen duiden als een ‘zuiver spiritueel’ aanschouwen. Dit is an sich een toestand. Het beeld is beeld. De idee dat het niet streven, willen, verlangen de mens onttrekt aan het lijden in deze wereld is naar mijn mening een idee fixe. Met die waarneming komt een intense beleving die juist kan leiden tot een verlangen, een wil tot streven.

      Prachtige theorie toch weer? Maar de vraag is over nieuwe gedachten over een ‘beproefd concept’ bijdragen aan een nieuwe leer, een nieuwe theorie die weer beperkingen tracht op te leggen aan hen die haar ter discussie stellen. De idee van ‘zuiver’ of ‘verwarring’ liggen te grondslag aan het idee dat we ons een begrip kunnen vormen van ‘de oceaan’ van de Tao, het boeddhisme, de I Tsjing. Maar elke ontdekking is een wereld op zichzelf en overstijgt altijd de theorie van het onbevattelijke.

  • Posted 24 augustus 2017 at 20:33 | Permalink

    Mijns inziens haal je hier verschillende zaken door elkaar. Tenzij ik jouw tekst verkeerd begrijp. Corrigeer me dus gerust als ik het verkeerd begrijp. 🙂
    Leegte heeft op verschillende niveaus betekenis. De context is dus heel belangrijk. Sunyata is veel meer dan afhankelijk bestaan.

    Het ‘lijden opheffen’ is inzien hoe het ontstaat.
    Je vraagt: “Durven we als een dwaas verliefd te worden?”
    Het boeddhisme verbiedt dat niet, ook de seks niet. Waar het boeddhisme naar verwijst met het ‘lijden opheffen’ is het volgende: Je kunt verliefd worden als een dwaas, dat mag. Maar als die verliefdheid van één kant verbroken wordt, kun je even dwaas omslaan in woede, wraak. Je kunt even dwaas kapot aan verdriet. Daarnaar verwijst het boeddhisme. Als je dat allemaal accepteert is er geen probleem, ga je gang. Maar het probleem is dat de meeste dit niet aanvaarden. Ze gaan kapot van verdriet, ze nemen wraak,… Daar gaat het om. Niemand verbiedt het om als een dwaas verliefd te worden. Maar accepteer je alle mogelijke gevolgen? Als we inzien hoe alles in elkaar zit ga je misschien niet kapot aan verdriet, sla je niet om in woede, doe je geen dwaze dingen die nog meer pijn veroorzaken. Om dat in te zien moeten we inzicht krijgen in wat we “ik” noemen.
    Het ‘lijden opheffen’ gaat om de bewustwording van je innerlijke processen. Er is niets verboden.
    Vanuit de christelijke visie zijn er veel verboden, daar geef ik je gelijk in. Er staat zelfs een hel op je te wachten. 🙂 Mijns inziens gaat de vergelijking tussen beide niet op.

    Je zegt: “het sterven van het ‘ik’ leidt niet tot ‘heling’”.
    Het hangt ervan af wat je het “ik” noemt. Het “ik” zoals we dat meestal zien sterft sowieso. Maar wat als men met het sterven van het “ik” de valse “ik” bedoelt? Als men daarmee bedoelt: het sterven van het geloof in wat je bent (de conditioneringen, de opvattingen), wat eigenlijk niet klopt. En dat is toch iets wat jij ook wil, denk ik. Niet gebonden zijn aan conditioneringen van de maatschappij. De conditioneringen die vaak lijden veroorzaken.

    Ik heb de indruk dat je hier verschillende zaken door elkaar haalt. Het gaat mijns inziens veel dieper dan wat hier beschreven staat. Ik zou nog veel meer kunnen aanhalen, maar dan wordt het een boek. Dat is ook niet de bedoeling. 🙂

    Vriendelijke groet

    • Posted 24 augustus 2017 at 21:27 | Permalink

      Dank voor je heldere kijk op dingen. gelukkig mogen we discussiëren over zaken. Naar mijn mening is er geen sprake van ‘door elkaar halen’, maar van perspectief. Ik verdedig niet een bepaalde wereldvisie, noch een bepaalde ‘leer’, maar het is een uiting van mijn perspectief van zaken, zoals ik dat vanuit mijn sektarische verleden heb ervaren. Daarbij beweer ik niet ‘de wijsheid in pacht te hebben’. Woorden hebben in verschillende culturen en stromingen andere betekenissen. Wat is nu het ‘ik’. Is ‘ik’ dat wat je geworden bent of hoe je ‘verworden’ bent. Bewerkt ‘vorming’ een ‘valse identiteit’ of worden we wie we zijn, of zijn we wie we worden. De aspiratie ‘iets te zijn wat je niet bent’ creëert en vals ‘ik’ en ik ben het eens dat dat moet sterven. Maar kan ik dit altijd waarnemen? Vanuit bepaalde ascetische stromingen tracht men inderdaad het lijden te ontvluchten of zoekt het zelfs. De ervaring van ascetische elementen uit mijn voormalige sektarisch-christelijke achtergrond hebben mij ertoe gebracht hierover te schrijven. Daarin worden elementen opgenomen als ‘sterven aan jezelf’ (lees je persoonlijkheid verliezen en een Jezus-kloon’ worden. Gebeden opzenden ten einde aan het lijden te ontkomen, de hemel verkiezen boven het aardse bestaan en zo trachten te ontkomen aan de werkelijkheid, Dit wordt geen Maia genoemd, maar ‘de gemeente’ te verkiezen boven ‘de grote boze wereld’ creëert een ‘Maia’, een schijn-werkelijkheid vol van happy-clappy-halleuja-problemen-bestaan-niet, als je maar hard genoeg ‘gelooft’ en veel geld aan omhooggevallen sekteleiders geeft. Ik ontmoet mensen uit verschillende geledingen die zich, op basis van Boeddhisme, Taoisme, Mindfullness, seksten, kerken, of wat voor richting dan ook ‘een schijnrealiteit’ vormen. Kennis hebben van begrippen leidt niet noodzakelijkerwijs tot ‘de ervaring’, de ‘ervaring’ staat niet boven de kennis. Welke vorm van godsdienst of filosofie dan ook is ‘zaligmakend’. Elke begrip kent zijn eigen realiteit, meta-taal en begrippen, die soms volledig anders worden ingevuld. In mijn perspectief is elk vastleggen over wat ‘zuiver begrip’ of ‘theologisch verantwoord’ is toch meestal het perspectief van het individu en/of van de ‘beweging’. Ben ik, is de ander bereid te leren. In veel wat je zegt herken ik mij. Als je ‘het lijden opheffen’ in de zuivere zin van het woord bedoelt zeg ik ja, mee eens. Het is echter hoe men ermee om wil gaan, hoe men het interpreteert. De wereld ontvluchten, op een berg ‘verlicht’ te mediteren, lijkt voor sommigen een ideaalbeeld, onttrokken aan het lijden.
      Ik ben een gevoelsmens, dat wel, geen wetenschapper. Ik heb veel gelezen, maar ik pretendeer niet kabbala, I Tsjing, de Dao, het Boeddhistische gedachtengoed, noch het volledige oeuvre aan filosofie, de esoterie en wereldgodsdiensten in zijn volledigheid te kunnen bevatten. In de vorming, in het denkproces probeer ik weer betekenis, waarde en enige waarheid te ontdekken. Dit is geen sinecure, als ik aan ruim dertig jaar hersenspoeling ben blootgesteld. Maar ik tracht te leren, ook van jou om juist een breder perspectief te krijgen. De woorden die ik noem, zijn begrippen die in bepaalde opzichten zijn aangetast door het vertekende wereldbeeld waarin ik te lang heb gebivakkeerd. Veel stichtingen in deze sektarische kerken zijn voortdurend bezig alles wat niet ‘christelijk’ is te bestrijden door woord en geschrift. Ik heb dit achter achter mij gelaten, maar ben niet vrij van begripsverwarring, dat geef ik toe.
      Dank in ieder geval voor je heldere perspectief en ik hoop dat je begrijpt dat ik voor mijzelf tracht de begrippen te ontworstelen aan het onjuiste wereldbeeld, waar men altijd bezig was andere denkrichtingen te demoniseren, die niet in het denkbeeld van de sektarische Pinksterwereldje passen, want het mi of meer verboden was andere literatuur te lezen dan ‘de bijbel’. na ruim dertig jaar haal ik de oude boeken weer naar mij toe en tracht de schade in te halen, maar vooral ook de kennis die ik voor die periode had uit mijn eigen hart op te graven, soms vertekend door de dwaasheid is ik als zoeten, naderhand als bittere koek, heb geslikt. Ik moet daarvan ‘ontgiften’.

      • Posted 25 augustus 2017 at 16:43 | Permalink

        Bedankt voor jouw uitgebreide en verhelderende antwoord.
        Ik ben mee. 🙂 Nu kan ik jouw tekst beter plaatsen (als ik dat zo mag zeggen).
        Natuurlijk begrijp ik dat je jezelf wil ontgiften van die hersenspoeling. Ik begrijp nu ook beter de soms wat bittere ondertoon (naar mijn gevoel) in bepaalde berichten.

        Vriendelijke groet

  • Posted 24 augustus 2017 at 22:55 | Permalink

    Mijn inziens is “sterven aan jezelf” niet je persoonlijkheid verliezen. Sterven aan jezelf is een innerlijk proces welke de lege spiegel inhoudt. Gebeden opzeggen zijn daarbij juist niet aan de orde. Immers, als je een gebed opzegt, dan richt je tot iemand ánders. Dan zit je in de subject/object relatie (Ik en God). In mijn optiek is “sterven aan jezelf” zo’ n beetje het belangrijkste onderdeel van spiritualiteit.

    In tegenspraak hiermee is dat het belangrijk is om in je eigen verhaal te blijven. Sterven aan jezelf, dat kan je niet leren, dat kan je niet afdwingen, daar kan niemand een cursus in geven. De beste aanwijzingen van Lao Tse, Jezus, Hermes kunnen je er niet heen brengen. Doen het niet-doen lijkt mij de enige weg. Een weg die nergens naar toe gaat, want je bent er al. Wantrouw ook degenen die zeggen gevonden te hebben. Zij die gevonden hebben, hebben niet goed gezocht.

  • Posted 25 augustus 2017 at 06:10 | Permalink

    Daar ben ik he helemaal mee eens. Onze zoektocht blijft doorgaan. We kunnen zeggen ‘ I still haven’t found what i was looking for’ , misschien is dat de weg. De weg blijft een weg. ‘Het’ gevonden hebben. Heb je jezelf gevonden? ‘Ken Uzelve’, ‘cogito ergo sum’. De weg in eenweg, en niemand kan zeggen hoe. De grote meesnter wijzen nimmer op zichzelf’. De weg is als ademhalen, bewust in en uit, de gift en het geven.
    Dank je nogmaals.

One Trackback

  • By Dhatu 1: Jal -Water – Morna Brighid on 8 september 2017 at 16:02

    […] is. Ze zal, indien mogelijk, de opening vergroten. Water gaat de weg van de minste weerstand (無為 Wu Wei), zolang het mogelijk is. Water klaagt niet over het pad dat ze volgt. Ze volgt gewoonweg het pad. […]

Post a Comment

Your email is kept private. Required fields are marked *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.

Follow

Get the latest posts delivered to your mailbox: