Spiritueel

In de vele beschouwingen worden ‘luchtmensen’ beschouwd als ‘denkers en doeners’, mensen die ‘in hun hoofd zitten’. Als de wetenschap, of quasiwetenschap, zich ermee gaat bemoeien, krijg je een allegaartje van ideeën. Wind is in vele culturen een ander woord voor ‘geest’. In Hebreeuws betekent het woord רוּחַ (ruach) zowel geest als wind.  Het woord πνεῦμα (pneuma) in het Grieks heeft ook die dubbele betekenis. Datzelfde kan gezegd worden van het Japanse   en het Chinese woord  Feng, wat ook wind en met geestelijke eienschappen te maken heeft.

Het Japanse 風 Fū of kaze, wat “Wind” betekent, vertegenwoordigt dingen die groeien, uitbreiden en genieten van de bewegingsvrijheid. Afgezien van lucht, rook en dergelijke, kan fū op sommige manieren het beste vertegenwoordigd worden door de menselijke geest. Naarmate we fysiek groeien leren we ook mentaal ook, in termen van onze kennis, onze ervaringen en onze persoonlijkheid. Fū vertegenwoordigt ademhaling, en de interne processen in verband met ademhaling. Mentaal en emotioneel vertegenwoordigt het een “open-minded” houding en zorgeloos gevoel. Het kan worden geassocieerd met wil, vrijheid, ontwijking, welwillendheid, mededogen en wijsheid.

Het Chinese woord 風 Feng duidt het luchtelement aan, en komt overeen met het oostelijke deel van de schepping. Het symboliseert een groot netwerk van vitale ademhaling, van de winden die het heelal hebben voortgebracht tot het eerste huilen van een pasgeboren baby of eerste adem van het leven (Om). Waar de aarde is “vaste materie” is, is lucht is altijd in beweging. Het is ook verbonden aan de geest, wijsheid, geesten en de ziel. Ook wordt er gezegd dat Qi-kracht zich voortbeweegt op de wind (of de geest)

Psychologie gaat niet altijd op als het over geestelijke zaken gaat. Wel heeft de Psycholoog Carl Gustaf Jung, als de eerste binnen de toenmalige psychologische beweging, het terrein van de esoterie en spiritualiteit verkend. Zijn verkenningen waren, en zijn nog, van groot belang voor de rol van de esoterie en de spiritualiteit binnen de psychologie, en men hierdoor tot de erkenning kwam dat het slechts bezien van de ziel, met zijn verwondingen en aangeleerde patronen, de spiritualiteit nodig heeft om tot heelheid te komen. Tot  an die tijd  ging men slechts uit van een lichaam en een ziel, maar Jung’s (her)ontdekkingen wezen uit dat de mens meer is dan slechts lichaam en ziel.

In de totalitaire materialistische omgeving van zijn tijd had Carl Gustav Jung de moed om voor te stellen dat onze geest wordt geleid door een systeem van vormen, de archetypes, die krachtig zijn, hoewel ze geen massa of energie dragen en die echt, zelfs hoewel ze onzichtbaar zijn. De archetypen bestaan, zoals Jung ([3], blz. 43v44) beschreven in een ‘psychisch systeem van een collectieve, universele en onpersoonlijke aard’. Uit dit systeem kunnen de onzichtbare vormen in ons hoofd verschijnen en onze ‘fantasie, perceptie en denken’ begeleiden.
Bron: Jung C.G. The Archetypes and the Collective Unconscious.Volume 9 Princeton University Press; Princeton, NJ, USA: 1969. Collected Works

De ontdekking van Jung heeft ons aangetoond dat de sfeer van de geest reëel is. Het door hem zo genoemde ‘collectief onderbewustzijn’ bestaat uit informatiepatronen die door onze geest kan worden opvangen. Zo bemerkte Jung dat er soms gebeurtenissen plaatsvinden die hij synchroniciteit noemde. Een voorbeeld: Je belt iemand op, en die zegt: ‘Dat is wonderlijk, ik dacht net aan je’. Of je gaat bij iemand op bezoek die een moment van wanhoop beleeft, en je komt op de juiste tijd om je vriendin of vriend bij te staan. Paranormaal begaafde mensen hebben dit in hogere mate of ontwikkeld, of van nature, zoals ik dit in mijn dagelijkse leven ontdek, en ik toch steeds verwonderd ben over de realiteit van hooggevoeligheid, helderziendheid, heldervoeldendheid of helderhorendheid. Je zou het helderwaarneembaarheid kunnen noemen, omdat ik soms geur en smaak gewaar wordt. Nog even terug naar Jung.

Deze vormen, de archetypen, zijn reëel, hoewel ze onzichtbaar zijn, omdat ze het potentieel hebben om in de empirische wereld te verschijnen en op ons te handelen in te werken. Zij vormen een sfeer van potentieel in de fysieke realiteit, en alle empirische dingen zijn emanaties vanuit dit rijk. Er zijn aanwijzingen dat de archetypen in dit kosmische potentieel informatiepatronen zijn, vergelijkbaar met gedachtepatronen, die vergelijkbaar zijn met de gedachten in ons hoofd. Bijgevolg lijkt de dot ons waargenomen wereld  een onverdeelde heelheid, waarin alle dingen en mensen onderling verbonden zijn., waarin en het bewustzijn een kosmische eigenschap is.
Bron: Journal of Behavioral Science, Diogo Valades Ponte & Lothar Schäfer, 2013. (Mijn vertaling)

In het spraakgebruik wordt ‘geest’ nog wel eens verward met ‘een goed stel hersenen’, maar dit is niet zo. Geest heeft alles te maken met die kant van ons menszijn dat het meest gevoelig is voor spirituele zaken, voor het hogere, bovennatuurlijke, onverklaarbare. In de vele oosterse meditatievormen wordt juist de menselijke geest ‘vrijgemaakt’, ruimte gegeven om de kunnen ontplooien, zoals de longen van een baby zich ontplooien bij de eerste ademhaling, het eerste huilen van het kind.. Dit kunnen fysiek ‘inactieve’ meditatievormen zijn, waarbij je in ‘lotushouding’ zit, of fysiek actieve meditatievormen als Qi Gong, Tai Chi of Yoga. De bedoeling is het lichaam in rust te brengen, onze ziel, hart haar emoties, tot stilte te brengen en onze geest ruimte te geven. Het is concentratie op het niet concentreren. Bij jezelf naar binnen gaan, en waarnemen. Het vereist oefening en discipline om tot rust te komen en de ruimte, de leegte binnen te gaan. Dit is in eerste instantie heel bedreigend voor de mens die altijd ‘moet’ naar het ‘niet moeten’, loskomen van de maalstroom van gedachten en indrukken die onze geest terugdringen naar inactiviteit.

In het begin is meditatie een plek vinden, waar je alleen bent, vrij van indrukken en geluiden. Bij veel oefening kan je leren zelfs op drukke plekken een meditatieve, contemplatieve houding te hebben. De plek wordt dan een ruimte in jezelf. Je geest kan het dan overnemen. Theoretisch gezien kan ik dit zeer goed formuleren en waarnemen. De praktijk is dat, ik althans, nog niet zover ben. Door oefening kan ik dit echter leren.

Ook in de Bijbel

Johannes 3:8
Net als de wind, waait de geest waarheen hij wil. Je hoort hem wel, maar je weet niet waar hij vandaan komt of waar hij heen gaat. Zo is het ook met iedereen die geboren is uit geest.’

Er wordt vaak gesproken met betrekking tot ‘de Geest van God’, dat is althans de uitleg. Maar het Grieks kent geen hoofdletters of aanduidingen. Het is onze geest die vrij kan bewegen, Jezus spreekt hier over ‘een geestelijke mens’, in onze terminologie een spiritueel mens. In dit leven kan onze geest ‘gevangen zijn’, beperkt in de vrijheid. Ik kom terug op het onderwerp Sunyata, de Leegte, de Ruimte. Door meditatie kunnen we daar binnengaan. Deze ‘ruimte’ is onbeperkt en daarin kan onze geest ruimte krijgen uit te ademen. Let op het saillante detail dat ademhaling van essentieel detail is voor meditatie. Daar komt ook de link vandaan met het geestelijke aspect van geest, adem en wind.

Geestelijk

Lucht, adem, wind en geest hangen dus in vele talen met elkaar samen. De mens begint en eindigt met ademen. Die adem wordt in, bijvoorbeeld, het Bijbelse scheppingsverhaal, in de mens geblazen en zo wordt die mens ‘levend’. Etymologisch hangen adem en geest, zuurstof, lucht, met elkaar samen. Logisch dat door je ademhaling te reguleren in meditatie, jezelf in een toestand kan brengen van innerlijke rust. Je concentreert je op je adem en dus op geest. Valt het kwartje? Adem en geest, hetzelfde woord. Bewust ademen is bewust ruimte geven aan je geest, aan je spiritaliteit. Je kan door in te ademen dus ook geestelijke indrukken van buitenaf opdoen (inademen) en van binnenuit naar buiten laten (uitademen). Denk hier een volgende keer aan als je mediteert. Denk ook aan jezelf: de adem is jou gegeven. Het is speciaal voor jou een gave, zo ook je geest.

Winti is een uit Afrika afkomstig geloxfssyteem. Het woord Winti, betekent letterlijk gewoon ‘geesten’

Kenmerkend voor de Winti is gemeenschappelijk denken en handelen gericht op het versterken van sociale samenhang. Belangrijk daarbij is de erkenning van de verscheidenheid in genadegaven en openbaringen binnen de Winti… Ter illustratie een van de wijze uitdrukkingen van de Winti-god Kromanti: de wijsheid van God zit niet in de hoofden van één persoon. God heeft zijn wijsheid aan een ieder gegeven.
Bron: Culturu.com

Geestesgaven

Je gaven kan je leren ontdekken. Vele mensen ervaren dit al op jonge leeftijd. Andere mensen willen heel graag, maar ontwikkelen geen enkel gave, vaak omdat ze te krampachtig zijn. maar elke mens heeft een geest. Een lerares of leraar kan belangrijk zijn, vaak essentieel, maar kijk uit met charlatans. Er  zijn zeer veel misleiders met grote beloften voor veel geld, die stuk voor stuk de taal spreken, maar uit zijn op aanhang, macht, geld en seks. Vele goedbedoelende mensen, die wellicht spiritueel in de kinderschoenen staan worden vaak emotioneel misleid. Let goed op: emotie en geestelijk zijn niet hetzelfde. Maar door je een gevoel te geven, begeleid door oosterse muziek, hun manier van praten, hun supergeestelijke gewaden, voorwerpen, wierook, en door meer misleide zielen, leveren ze namaak. Er ontstaat een sekte. Zelf zeer begaafde goeroes als Bhagwan Shri Rajneesh lijkt goed begonnen te zijn, met een mooie boodschap, maar bleek een charlatan, verleider, die zijn volgelingen misbruikte, manipuleerde en zichzelf verrijkte.

Geloof niet iedere goeroe. Ze beginnen soms goed, maar o wee als de verleiding voor macht en geld en seks zich aandient. Dan blijken velen er geen weerstand aan te kunnen bieden. Ze misbruiken hun charisma (begaafdheid) en vervallen in een ongeestelijke staat die haaks staat op hun boodschap. Ze willen volgelingen, populariteit, geld, macht, luxe. Weest leerling, maar wordt geen blinde volgeling. Wie zich bij een sekte aansluit is niet langer ‘een vrije geest’, maar gebonden. Dat staat haaks op spiritualiteit. Aan de andere betreft het begrip ‘vrije geest’ vaak mensen die zich juist onder dat mom ontpoppen als potentiële wannabe-goeroes. Met name mannen vallen in die valstrik.

Schijnspiritualiteit is elke vorm van spiritualiteit die geluk, genezing en groei belooft maar mensen juist berooft van eigenwaarde, autonomie, en ze uit hun kracht haalt. Het is van alle tijden en je vindt het onder alle geloofsovertuigingen en bij alle vormen van spiritualiteit: van kerken en tempels tot spirituele centra, websites, leraren en praktijken.

Het is een uitdaging van deze tijd voor mensen die verlangen naar bewustwording en zich tot spiritualiteit wenden om het juiste onderscheid te maken tussen authentieke spiritualiteit die je vrij laat en helpt in je kracht te gaan staan, en schijnspiritualiteit die je juist ontkracht en afhankelijk maakt.
Bron: Nieuwetijdskind.

Knuffeltherapie en ademhaling

Nhat Hanh combineerde oosterse en westerse spiritualiteit; een universele menselijke taal voorziet in alles wat een mens nodig heeft. Hij noemde deze praktijk ‘knuffelmeditatie’. We moeten ons chronisch cynisme afleggen, zodat hetgeen ondraaglijk ongemakkelijk lijkt te zijn, maar wat ons tot bloei brengt een beloning van vervulling in zich draagt. Volgens deze toepassing moet je de persoon die je vasthoudt echt knuffelen.

Je moet hem of haar heel ‘echt’ in je armen maken, niet alleen omwille van hoe die persoon eruit ziet, haar op de rug kloppen om te doen alsof je er bent, maar door bewust te ademen en te knuffelen met je hele lichaam, geest en hart. Knuffelmeditatie is een oefening van die je met je hele geest doet.
Adem in, ‘ik weet dat mijn dierbare in mijn armen een levend persoon is.’
Adem uit, ‘ze is zo kostbaar voor mij.’
(Thich Nhat Hanh)

Als je op deze manier, geconcentreerd ademt, en die persoon zo van wie je houdt zo vasthoudt, zal de energie van je tederheid en liefde en waardering in die persoon doordringen en wordt ze gevoed en gekoesterd en en die ander, en jijzelf zal bloeien als een bloem.

In het hart van het knuffelmeditatie, pleit Nhat Hanh, vanuit zijn kern Zen-principes van verbondenheid voor het intermenselijke zijn, verbonden zijn met elkaar en met het universum. Met de grote eenvoud en oprechtheid van Zen-geschriften beschouwt hij zowel de interpersoonlijke als de intrapersoonlijke voldoening van deze praktijk:

Als we knuffelen, verbinden we onze harten en we weten dat we geen aparte wezens zijn. Knuffelen met aandacht en concentratie kan verzoening, genezing, begrip en veel voldoening brengen. De praktijk van aandachtig knuffelen heeft zo veel mensen geholpen om zich met elkaar te verzoenen – vaders en zonen, moeders en dochters, vrienden en vriendinnen, en zoveel anderen.
(Thich Nhat Hanh)

Geest is onze kern, onze adem. Ze bepaalt dat wij leven, ademen, mediteren, kussen, liefhebben, ervaren. Ze is essentieel. Onze geest is niet te verwaarlozen. Kies daarom elke dag voor ‘een moment van de geest’. Meditatie, yoga, Reiki, Tai Chi, Qi Gong, bidden en andere voormen van spiritueel verhogende methoden kunnen ons helpen onze geest te ontplooien. Begin vandaag!

Leave a Comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.